Volkstuin vereniging "De Vrije Tuinder" Dordrecht

bron: De Vrije Tuinder
bron: De Vrije Tuinder
Sla  
   
Rijen 30 cm
Plant afstand 30 cm


Soorten:
Smaak:
Ijsberg
Knapperig
Lollo Rossa
Zacht neutraal
Little Gems
Zoet en knapperig
Veldsla
Gewoon lekker
Rucola
Nootsmaak

 


 

Sla is een geslacht van bladgroenten die tegenwoordig rauw gegeten wordt. In de Romeinse tijd werd sla overigens nog gekookt omdat hij nog niet mals genoeg was.

Er zijn veel verschillende typen sla: typen die een krop vormen en typen die dat niet doen. De oude Egyptenaren kenden al stengelsla, waarvan de stengel gegeten werd.

Sla vormt aanvankelijk een stengel (in lengte variërend naargelang het type) met bladeren, maar wanneer je hem niet op tijd oogst, gaat de stengel verlengen (doorschieten), in bloei komen en zaadjes met vruchtpluis produceren. Verder kan het blad al of geen anthocyaan bevatten, waardoor zowel rode als groene slatypes bestaan. De vermoedelijke wilde stamouder van de sla is kompassla.

 

Teelt 

Romeinse sla heeft van zich zelf een geel hart, vandaar wellicht de naamsverwarring.
Pluksla wordt op een rijtje gezaaid, niet uitgedund, en naar believen geoogst. Snijsla wordt op rijtjes of breedwerpig gezaaid. De teelt van snijsla is voor iedereen mogelijk, en kan eventueel in een bloempot plaatsvinden. Het is een korte teelt, waarmee we vanaf eind februari/begin maart onder glas mee kunnen beginnen.
De krulsla soorten zijn o.a. de bekende Lolla Rossa en Lolla Bianca. Deze soorten doen het goed in het voorjaar, in het najaar is het zachte blad gevoelig voor ziekten. Eikebladsla is beter geschikt voor de herfstteelt, deze soort kan zelfs lichte vorst overleven.
Er zijn slasoorten voor elk seizoen, lees dus goed de aanwijzingen op de zakjes zaad. Pluksla kan vanaf maart/april bij mooi weer buiten worden gezaaid. Voor kropsla en bindsla gaan we liefst uit van plantjes, die we gekocht hebben of zelf voorgetrokken.

Plant ze uit vanaf april/mei bij goed weer in de volle grond. Het plantverband is ongeveer 25 x 30 cm. Voor ijsbergsla moeten we wat ruimer plantverband aanhouden.
Sla moet goed aan de groei blijven om mals blad te produceren, en om te verhinderen dat de planten vroegtijdig gaan schieten. Bij het zelf voortrekken moeten we er dan ook voor zorgen dat er geen groeivertraging optreed. Zaai sla daarom in turfpotjes (of in andere potjes) en dun uit zodat er per potje één plantje overblijft. Dit plantje kan dan met kluit en al overgeplant worden. Sla-zaadjes kiemen snel en groeien ook snel. Bij voortrekken van plantjes op de vensterbank vroeg in het seizoen worden de plantjes snel lang en iel. Zet ze dus zo zonnig mogelijk op de vensterbank, of plaats ze buiten in een koude bak. Improviseer eventueel zelf een koud bakje met behulp van bakstenen en een glasplaat, als u niet over een broeibak beschikt.
We maken het ons gemakkelijker als we uitgaan van gekochte plantjes uit een tuincentrum, dat geeft minder kans op mislukking en levert sneller een resultaat. Het vereist immers toch wat ervaring om jonge plantjes succesvol op te kweken. Zelf zaaien is echter wel spannender, en bied de mogelijkheid om soorten uit te proberen die niet als plantjes aangeboden worden. Overweeg eventueel om beide te doen; zowel plantjes kopen, als ook zelf een keer zaaien.
Zaai per keer niet meer sla dan u in 2-3 weken consumeert, het risico van doorschieten neemt toe als de sla ouder wordt. Zaai wel elke 2-3 weken opnieuw om steeds van verse sla voorzien te zijn. 

 

Bemesting 

Sla heeft een vruchtbare grond nodig, maar geen grond die zojuist flink bemest is met dierlijke mest. Liever dus grond die in het afgelopen najaar bemest werd, of als volggewas na een gewas dat wel goed bemest werd. Bemesten met goed verteerde compost kan altijd. Een bodem met een goed vochthoudend vermogen is van belang voor sla, omdat een korte periode van watergebrek al kan leiden tot doorschieten.

 

Ziekten en plagen 

De wortels van sla kunnen aangetast worden door wortelluizen en diverse soorten aardrupsen. Vang deze laatste weg als u ze ziet. Boven de grond kunnen we last hebben van bladluizen en slakken. Verder kan het blad aangetast worden door verschillende soorten schimmels. Valse meeldauw veroorzaakt geel-witte vlekken op de bovenkant van de bladeren. Schimmels van de geslachten Rhizoctonia en Sclerotina veroorzaken smet en rot, ziekten die hele kroppen in korte tijd kunnen vernietigen. Bij smet verrot voornamelijk de basis van het blad, bij rot wordt de stengel zelf aangetast. Voorkomen van deze schimmelziekten kan o.a. door goed luchten in kassen of platte bakken, vermijden van stikstofrijke bemesting, en het aanhouden van een ruim plantverband. Vernietig aangetaste kroppen en pas een vruchtwisseling toe (wacht 3 jaar voor terugkeer naar het zelfde perceel).

Schimmelziekten treden vooral onder glas op; in kassen of koude bakken.

 

Gewasverzorging 

Geef sla goed water: het gewas moet goed kunnen groeien om smakelijk blad te kunnen leveren. Vermijd omstandigheden die schieten (bloeien) bevorderen (te dicht op elkaar planten, te droog, te arme grond). De meeste slasoorten zijn niet of nauwelijks daglengtegevoelig zoals bv. andijvie. Slechts enkele oudere soorten (meikoningin) gaan schieten door het daglengte effect. De meeste soorten gaan bloeien als ze overrijp zijn (meteen na de kropvorming), of als de omstandigheden tegenzitten.
Ga er van uit dat we verschillende keren per jaar moeten zaaien om altijd over verse sla te kunnen beschikken.

 

Oogsten en bewaring 

Oogst sla 's ochtends en bewaar hem in de koelkast tot het moment van consumptie.

 

 

Laatste site update: 17 Juli 2018

Wijzigingen:

Water te kort

plattegrond - perceelgrootte

Gewassen - Doornappel

 

 

 

Water tekort

Was dat even schrikken zaterdag 30 Juni.

De sloot was leeg. Hierdoor konden de leden de tuinen niet meer besproeien.

Gelukkig hebben wij een kordaat bestuur. Deze heeft contact opgenomen met het waterschap om het probleem op te lossen.

Woensdag  4 juli was de sloot weer gevuld door het waterschap.

 

Hulde aan het bestuur

 

Wilt U een Tuin Huren?

Wij werken alleen nog maar met een wachtlijst voor de verhuur van tuinen. Dit aangezien wij het gehele jaar een volle bezetting hebben. De meeste tuinen gaan over in de maanden september - november.

U moet zich dus echt inschrijven om een kans te maken bij het vrijkomen van tuinen. 

 

Procedure

  • Uitgifte vindt dan plaats in de volgorde van inschrijving. U wordt benaderd via de email die U opgeeft om langs te komen voor een bezichtiging. 
  • Als de datum of tijd niet schikt neemt U contact op zodat een andere afspraak kan worden gemaakt indien mogelijk.
  • Doet U dit niet en komt U niet dan gaat uw plaats naar de volgende op de wachtlijst.
  • U krijgt dan nog 1 keer een kans bij een volgende tuin. Daarna wordt U van de wachtlijst gehaald.

 

Cookiebeleid | Sitemap
Copyright "De vrije tuinder"